Last van de zomertijd? Zo kom je weer in je normale ritme
In dit artikel:
Op zondag 29 maart is de klok om 02.00 uur een uur vooruitgezet naar 03.00 uur: de zomertijd is ingegaan. Doel van de maatregel is om ’s avonds langer daglicht te hebben en zo energiegebruik te verminderen, maar het uurtje verschil heeft ook merkbare effecten op ons lichaam.
De verschuiving verstoort het natuurlijke dag-nachtritme dat door licht wordt gestuurd. Omdat het ’s avonds langer licht blijft, krijgt je biologische klok minder signaal dat het bedtijd is, waardoor je later moe wordt en moeilijker in slaap valt. Tegelijk voelt je wekker in de ochtend als een uur vroeger: wie later gaat slapen heeft vaak een kortere nacht, is vermoeider, sneller geïrriteerd en minder alert.
Om het ritme te herstellen kun je eenvoudige maatregelen nemen: houd vaste bed- en wektijden, probeer in de ochtend blootstelling aan daglicht te zoeken en beperk ’s avonds fel of blauw licht van schermen. Zorg voor een donkere slaapkamer — verduisterende gordijnen of een slaapmasker helpen — en overweeg in de dagen voorafgaand geleidelijk iets eerder naar bed te gaan. Met deze stappen kun je de aanpassing van je biologische klok versoepelen.