Politie geeft toe: huiszoekingen bij Andrew Mountbatten-Windsor in Epstein-zaak waren onwettig
In dit artikel:
Andrew Mountbatten-Windsor heeft bij het High Court in Londen een juridische overwinning behaald: de Britse politie erkende dat de huiszoekingen bij zijn voormalige woningen niet volgens de wettelijke regels waren uitgevoerd. De rechtbank had de bevelen op 22 juli al ongeldig verklaard. In februari doorzochten agenten zijn verblijf op het landgoed Sandringham en zijn voormalige woning Royal Lodge in Windsor.
De politie wil de rechtbank nu toestemming vragen om het tijdens die acties meegenomen materiaal toch te bewaren en te gebruiken. De ongeldige bevelen beëindigen het onderzoek dus niet. Andrew werd op 19 februari, op zijn 66ste verjaardag, gearresteerd op verdenking van ambtsmisbruik en na verhoor vrijgelaten. Hij is nog niet formeel aangeklaagd.
De verdenkingen houden verband met zijn werk als Britse handelsvertegenwoordiger tussen 2001 en 2011. Hij zou in die periode vertrouwelijke informatie hebben gedeeld met Jeffrey Epstein, de overleden zedendelinquent. Andrew ontkent schuld. Zijn banden met Epstein leidden eerder al tot het verlies van zijn koninklijke titels; sindsdien gebruikt hij de naam Andrew Mountbatten-Windsor. Koning Charles ondersteunt hem privé financieel, maar Buckingham Palace zegt dat dit geld niet voor zijn juridische verdediging tegen de politie mag worden gebruikt.
Vandaag Inside: Albert Verlinde In de Wandelgangen: 'Dat ik dat ooit zou zeggen, dat zou je nooit geloven'